MyCSN cloudPrivacySmart Cities

Genk werkt aan een slimme oplossing tegen geluidsoverlast van auto’s

In de Stalenstraat in Genk staan sinds kort camera’s met slimme microfoons. Met dit proefproject wil Genk iets aan geluidsoverlast doen. Buurtbewoners deden al talloze meldingen over de luide knalpotten, knetterende quads en getunede wagens. Er is zelfs iemand verhuisd om eraan te ontsnappen. Burgemeester Wim Dries wil met het proefproject Genk veiliger maken en een aangenamer gevoel bieden aan inwoners. Kris Lemkens, technologiemanager bij Stad Genk, en Jochen Roosen en Ilse Juvijns van politiezone CARMA, vertellen hoe het proefproject tot stand is gekomen en wat de doelstellingen zijn.

Meerdere doelstellingen

Kris Lemkens vertelt: “Een consortium vanuit Slimme Regio Vlaanderen contacteerde ons stadsbestuur met de vraag welk probleem een slimme oplossing kon gebruiken. Geluidsoverlast kwam in aanmerking, zo bleek uit een rondvraag en ook de politie kan beamen dat geluidsoverlast in de Stalenstraat al even een probleem is. Samen met het consortium Slimme Regio Vlaanderen en technologiepartners Nokia, MyCSN en G4S bedachten we een oplossing. Sinds begin dit jaar waren er al camera’s in de Stalenstraat. Door er microfoons en decibelmeters bij te plaatsen, combineren we meerdere doelstellingen. We willen de verkeersveiligheid aanpakken, we willen een ondersteunende tool bieden aan de politie om handhaving te helpen staven, en finaal willen we natuurlijk minder overlast voor onze burgers. Door de begeleiding van Cranium kunnen we dit probleem nu aanpakken en tegelijk de privacy blijven garanderen.”

n de Genkse Stalenstraat loopt een proefproject. Genk wil iets aan geluidsoverlast doen, er staan sinds kort camera’s met slimme microfoons.

Proefopstelling

“Wanneer de decibelmeters nu een luid geluid waarnemen in de Stalenstraat, wordt beeld en geluid opgenomen,” legt Lemkens uit. “Om de privacywetgeving tijdens het proefproject te respecteren, worden geen persoonsgegevens doorgegeven aan de politie. Dat doen we door de gegevens manueel te controleren en te filteren. Eerst gaan we na of het opgemerkte geluid wel overeenkomt met een mogelijke overtreding. Geluid kan ook van een andere bron afkomstig zijn, zoals bijvoorbeeld een claxon, een sirene van de brandweer of een laag overvliegend vliegtuig. Zulke opnames halen we eruit. Komt het geluid wel van een uitlaat, dan verifiëren we of het geluid past bij het voertuig op de beelden. Vervolgens maken we privacygevoelige gegevens onherkenbaar, zoals stemmen, nummerplaten en personen. Pas daarna slaan we de opname op en kan de politie ze bekijken.”

“De politie gaat nu nog niet over tot handhaving, we willen vooral weten of we hen relevante gegevens leveren. In een volgende fase gaan we handhaven en krijgt de politie wel de nummerplaten te zien. Momenteel laat de privacywetgeving niet toe om volautomatisch te beboeten, dat is misschien voor nog een volgende fase,” vult Lemkens aan.

We kunnen de burger betrekken door ze te informeren. Dat zal de overtreders eventueel ontmoedigen en de inwoners die last ervaarden, zullen zich veiliger en erkend voelen in hun buurt.

Geluidsoverlast is een complex probleem

“Andere politiezones kennen dit probleem ook en contacteren ons nu al om te vragen hoe het project verloopt,” zegt Ilse Juvijns. “Wij vertellen hen dan dat we nog niet beboeten, maar aan het testen zijn,” vult Jochen Roosen aan. “Het is ook logisch dat we stap voor stap nadenken over de aanpak. Geluidsoverlast beboeten, is erg complex. Dat begrijpen onze collega’s. Het is wel een positief vooruitzicht dat een werkende oplossing eraan komt.”

“De anoniem gemaakte opnames bewaren we op het MyCSN dataplatform. We gebruiken die gegevens om een beeld te vormen van de problematiek en om te kijken of deze aanpak voor meetbare resultaten zorgt,” aldus Lemkens. “Automatisch beboeten is juridisch nog niet haalbaar, maar we richten ons op de huidige mogelijkheden. We werken een manier uit waarop de politie het probleem kan aanpakken door naar de overtreder toe te gaan en een genormeerde meting van de uitlaat van het voertuig af te nemen.”

Jochen Roosen voegt toe: “Als je in de eigen buurt wordt aangesproken op asociaal gedrag, zelfs zonder boete, kan dit al voldoende zijn om je aan te passen.”

Een tool voor beleid
“De data die we met dit project verzamelen, heeft ook nut als beleidshefboom. We meten bijvoorbeeld wanneer en waar voorvallen van geluidsoverlast plaatsvinden en we kunnen zien of er herhalende overtreders zijn. Dit zijn zaken die we met het MyCSN dataplatform analyseren en die de basis kunnen leggen voor een preventief beleid. De stad kan misschien andere maatregelen treffen om dit gedrag af te raden.”

“Daar horen ook communicatiecampagnes bij. We kunnen de burger betrekken door ze te informeren. Dat zal de overtreders eventueel ontmoedigen en de inwoners die last ervaarden, zullen zich veiliger en erkend voelen in hun buurt.”

De politie in smart city-projecten

“We worden als politiezone graag betrokken bij zulke projecten. We staan meestal dicht bij de problematiek en hebben informatie die we kunnen toevoegen aan die van de beleidsmakers. Daarnaast is het natuurlijk een voordeel dat wanneer het gaat over een oplossing die zal dienen als ondersteuning voor ons werk, dat wij aanwezig zijn bij de ontwikkeling ervan”, zegt Jochen Roosen.
Ilse Juvijns: “De politie wil ook innovatief zijn. We moeten mee evolueren met het leven van de burgers en dus werken met nieuwe technologieën. We zijn dan ook blij om te merken dat we met dit project alvast een voortrekkersrol opnemen.”

 

Bitnami